Ga direct naar


Huismot

Uiterlijk
Het imago is tot 1.5 cm lang, spanwijdte van 1,7 tot 2,6 cm. De huismot heeft drie zwarte vlekken op elke bruinzwarte voorvleugel. De achtervleugels zijn iets lichter van kleur. De larve is witachtig, max. 2 cm lang en heeft een bruine kop.

Ontwikkeling
Volledige gedaanteverwisseling. De huismot wordt vaak in gebouwen aangetroffen. Ontwikkelingsduur van ei tot imago is ongeveer 4 maanden. Normaal gesproken 1 generatie per jaar (in onverwarmde vertrekken). Relatieve luchtvochtigheid nodig van tenminste 80%. Huismotten komen ook wel vanuit vogelnesten woningen binnen. De larven overwinteren. Het larvestadium kan oplopen van 2 maanden tot enkele jaren. Huismotten vliegen van juni tot augustus.

Leefwijze
De huismot komt voornamelijk voor op rustige, vochtige plaatsen (bijv. onder kasten en tapijten en in vogelnesten). Volledig ontwikkelde larven verlaten hun voedselbron en zoeken een geschikte plaats om zich te verpoppen. Hierbij kunnen zij grote afstanden afleggen. De larven van de huismot leven van dierlijke en plantaardige producten, zoals graan, zaden, kurk, linnen, wol en bont. De larven zijn bijzonder gevoelig voor uitdrogen. Als de relatieve luchtvochtigheid langdurig lager is dan 80%, komen de larven niet tot een verdere ontwikkeling. De larven kunnen in een soort rustfase terechtkomen waarin de ontwikkeling stilstaat. Als de omstandigheden weer gunstig zijn, wordt de ontwikkeling vervolgd.

Schade
De larven van de bruine huismot kunnen in graanopslagplaatsen vrij veel schade aanrichten. Schade aan (enigszins vochtig geworden) wollen kleden, (vaste) vloerbedekking, houten plinten, achterwanden van houten kasten, gedroogde planten en graanproducten. De aangerichte schade kan plaatselijk aanzienlijk zijn.

Wering/Preventie
De oorzaak van de hoge luchtvochtigheid wegnemen (eventueel bouwkundige maatregelen nemen). Voldoende ventileren. Oude voorraden, waarin de motten zich kunnen ontwikkelen, afvoeren.

Bestrijding
Aangetaste producten behandelen met daarvoor toegelaten middelen op basis van cyfluthrin, deltamethrin of permethrin. Ook naden en kieren behandelen. Wees alert op plinten die de onderzijde van een meubelstuk afschermen. Dáár vindt verpopping van larven vaak plaats. Voorkom contact van de bestrijdingsmiddelen met onder andere speelgoed.