Ga direct naar


kakkerlak

Uiterlijk
Volwassen dier is lichtbruin, heeft 2 zwarte lengtestrepen op borstschild en is 1 tot 1,5 cm lang exclusief antennen. Vliegt alleen bij zeer hoge temperatuur. Nimf is donkerder van kleur, heeft geen vleugels, vervellen tijdens groei 5 tot 7 maal. Eipakket 0,8 x 0,3 x 0,2 cm groot, bevat gemiddeld 30 eitjes.

Ontwikkeling
Onvolledige gedaanteverwisseling. Eistadium 2 tot 5 weken, per wijfje gemiddeld 7 eipakketjes. Larvale stadium duurt 6 weken, bij lage temperatuur tot ca. 0,5 jaar. Duur van ei tot volwassen dier ca. 2 maanden bij 25°C. Maximum leeftijd volwassen dier ca. 6 maanden, in laboratorium tot ca. 1 jaar.

Leefwijze
De Duitse kakkerlak is lichtschuw en een alleseter (vochtige en verse voedingswaren). Kan 10 tot wel 40 dagen zonder voedsel. Leeft op donkere, warme, wat vochtige plaatsen, de optimale temperatuur is 30°C. Voorkeurstemperatuur 25°C tot 32°C.

Schade
Bevuilen voedsel, verslepen smetstoffen (salmonellosen e.d.). Zijn drager van bacteriën en mijten. Verspreiden een onaangename geur door uitscheiding via de rugklier.

Wering/Preventie
Afdichten naden en kieren na de behandeling. Afvalstortplaatsen afgedekt houden met 30 cm dikke laag zand of verdichten gestort afval. Zorgvuldige hygiëne in acht nemen.

Bestrijding
De bestrijding van kakkerlakken bestaat uit drie fasen:

a. voorbereiding: Inventarisatie (lijmvallen, exemplaar in doorzichtig doosje, tekening zijaanzicht gebouw), bestrijdingsplan (volgorde, menskracht, middelen, materialen), afspraken met eigenaar (kosten, eventueel gaten boren), voorlichting aan en afspraken met bewoners (tijdstip, middel, keukenkastjes ontruimen, aquaria afdekken en pomp uit, geen open vuur, ventilatie (ventilatieperiode tenminste 2 uur met huisdieren uit huis), na-ventilatie (ventilatieperiode tenminste 2 uur met huisdieren uit huis), na ventilatieperiode werkvlakken reinigen, geen grote schoonmaak).

b. uitvoering: Naden en kieren met lage drukspuit, werkzame stof cyfluthrin, deltamethrin of permethrin. Bij verminderde gevoeligheid of resistentie chloorpyrifos liefst capsule suspensieconcentraat. Keuze van formulering synthetische pyrethroiden is afhankelijk van de te behandelen oppervlakken, zie voorschriften etiket.

c. nazorg: Inspectie na 6 tot 8 weken, zonodig nabehandeling, ter signalering desgewenst vangdozen of lijmvallen, bij voorkeur periodieke inspecties.

Let op: Voor plaatsen waar niet of moeilijk met vloeibare middelen of stuifpoeder kan worden gewerkt, is toepassing van lokazen of een gel aan te bevelen (werkzame stof hydramethylnon, imidacloprid of fipronil).